21 oktober 2019

Ministers op bezoek bij opleidingsscholen NOD Haaglanden en OSR

“Ik ben jaloers op hoe deze studenten worden opgeleid en had dit graag toen ik zelf als docent werd opgeleid ook op deze manier gewild. Deze vorm van opleiden kan zeker de toekomst zijn.” Aldus minister Slob tijdens het werkbezoek dat hij en minister Van Engelshoven op 17 oktober jl. brachten aan de Opleidingsschool Rotterdam (OSR) en opleidingsschool NOD Haaglanden. De bewindslieden gingen in gesprek met betrokkenen over de toegevoegde waarde van het samen opleiden voor (aankomend) leraren en het onderwijs, en de nog bestaande knelpunten bij het verder vormgeven én uitbreiden van dit concept.

Tijdens hun werkbezoek konden de ministers de toegevoegde waarde van het samen opleiden ervaren. De beide opleidingsscholen gaven in een presentatie uitleg over hun visie, organisatie en werkwijze, en de ministers spraken met (alumni-)studenten, werkplekbegeleiders, schoolleiders, lerarenopleiders en bestuurders.

Rolf Taekema, derdejaars student wiskunde, vertelde over zijn ervaringen met deze manier van opleiden: “Het is heel fijn dat er tijd wordt gemaakt om de lerarenopleiding en de school samen te brengen. En dat niet alleen het gesprek wordt gevoerd over de theorie kennen, maar ook de vraag wordt gesteld hoe je dat dan ziet in je klas.” “Door samen opleiden weet je ook hoe de school draait”, vult Hans Nielsen (student Geschiedenis) aan. Renate de Vries, rector Montaigne Lyceum, onderstreepte ook de voordelen voor betrokkenen bij het samen opleiden in de scholen: “Het samen opleiden maakt veel mensen bewust van de theorie uit de lerarenopleiding, maar ook van hun eigen lesgeven.”

Samen opleiden maakt de overstap van de opleidings- naar de werkpraktijk ook minder groot, waardoor beginnend leraren minder snel uitvallen. Binnen de opleidingsscholen is ook sprake van goede begeleiding voor starters, aldus Jaylene Joval en Meagan Prast, beide docent Engels. Joval: “Het maakt niet uit welk traject je volgt, er wordt altijd voor gezorgd dat je goed wordt begeleid en dat je je niet alleen voelt.”

Ook werd genoemd dat het participeren in de partnerschappen vaak leidt tot het ontstaan van lerende gemeenschappen, waarbij betrokkenen vanuit de lerarenopleidingen, scholen en (aankomend) docenten samenwerken aan onderzoek en innovatie, gericht op verdere onderwijsverbetering. Nelleke Belo (lerarenopleider ICLON): “Door samen opleiden ontstaat er een gemeenschap breder dan de school.” Een conclusie die ook minister van Engelshoven trok: “Samen opleiden doet iets met het team en de school in hoe je samenwerkt. Er ontstaat een brede leer- en ontwikkelcultuur.”

Tenslotte werd benadrukt dat het samen opleiden een rol kan spelen in het terugdringen van het lerarentekort. Deze vorm van opleiden kan het aantrekkelijker maken om te kiezen voor het lerarenberoep. “Door het samen opleiden zijn we ook veel collectiever bezig met het lerarentekort”, aldus Johan van Dam (bestuurder Lucas Onderwijs).

De ministers toonden zich onder de indruk van het concept van samen opleiden en professionaliseren. “Een werkwijze die door iedereen als vruchtbaar wordt ervaren en waar studenten veel profijt van hebben”, aldus minister Slob.

Bron: VO-raad


Nieuws 5 november 2019

Actueel | Meer middelen voor zij-instromers en samen opleiden

Het kabinet heeft 1 november een eenmalig bedrag van 460 miljoen euro toegezegd, onder meer bedoeld om het lerarentekort in […]

Meer lezen »

Nieuws 4 november 2019

Praktijkvoorbeeld | Met een open blik kijken naar onderwijsvernieuwing op schoolniveau

Twintig studenten van de eerstegraads lerarenopleiding van de Vrije Universiteit Amsterdam (VU) volgen sinds dit collegejaar het keuzevak Vernieuwend Onderwijs, […]

Meer lezen »