5 mei 2019

BLOG Nakijken

Mariëlle Theunissen is sinds 2016 lector Samen Opleiden bij Kenniscentrum Talentontwikkeling van de Hogeschool Rotterdam en houdt een blog bij over samen opleiden.

Nakijken

Op dit moment ronden mijn studenten vakken af en is het tijd om na te kijken. Nakijken is meestal geen favoriet werk, noch bij mij, noch bij mijn collega’s. En het is best spannend: hebben de studenten naar mijn verwachting gepresteerd, krijg ik terug wat ik erin heb gestopt?

Ik verzorg zelf het vak ‘praktijkonderzoek’. De studenten leveren hun onderzoeksverslag in, en dat zijn stevige werkstukken van tussen de 25 en 50 pagina’s. Dus geen multiple choice tentamens die lekker makkelijk zijn om na te kijken.

De nakijkmodellen zijn in de vorm van rubrics. Het toepassen ervan vind ik altijd lastig. Gelukkig kalibreren we met collega’s en kunnen we elkaar om raad vragen bij twijfel. En dat we het nooit 100% waterdicht krijgen, dat weten we tevoren, en dat willen we ook niet. Nakijken van werk waarin studenten zelf hun bevindingen en meningen formuleren, daar kun je geen ‘thermometer’ in steken om een exact cijfer te bepalen. Toch moeten we de uiteindelijke beoordeling wel goed kunnen onderbouwen, naar onszelf toe, naar de studenten toe, en – mocht dat nodig zijn – naar de examencommissie toe. Kortom, een zorgvuldig werk.

Zodra ik het werk van de studenten heb bestudeerd, merk ik dat ik een gevoel ontwikkel van het cijfer waarmee ik het werk zou willen waarderen, bijvoorbeeld een 7. Ik ben me daar zeer bewust van, en het beïnvloedt de manier waarmee ik de rubrics invul. Ik wil als het ware ‘op een 7 uitkomen’. Andersom werkt trouwens net zo: als ik de rubrics tijdens het nakijken invul, dat check ik de uitkomst met het gevoel dat ik tijdens het nakijken heb ontwikkeld. Meestal klopt dat wel. Als ik uiteindelijk klaar ben met nakijken, vergelijk ik het werk van alle studenten onderling, en check ik of het beste werk ook op het hoogste cijfer is uitgekomen, evenals de rangorde van de werken die daarna komen.

image

Waar het op neerkomt is dat ik mijn gevoel een belangrijke rol laat hebben bij het nakijken en me daar ten volle van bewust ben. Ik check heen en weer met de rubrics, zodat ik mijn eigen gevoel en de ‘zekerheid’ die de rubrics bieden, combineer, en ik check nogmaals door de werken van de studenten onderling te vergelijken. Samen met het steekproefsgewijs kalibreren en af en toe een ‘second opinion’ vragen bij een collega, ben ik best tevreden over mijn manier van nakijken.

Overzicht andere blogposts

Over Mariëlle Theunissen

Mariëlle Theunissen is onderwijskundige en voltooide haar doctoraal opleiding Onderwijskunde aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. In 1995 promoveerde zij op een proefschrift naar samenwerking tussen onderwijsorganisaties. Tijdens en na haar promotie werkte Mariëlle als lerarenopleider aan de lerarenopleiding van de Radboud Universiteit Nijmegen en Hogeschool Rotterdam. Tevens is zij docent muziek en CKV aan het Alfrink College in Zoetermeer en is zij betrokken bij de ontwikkeling van de Opleidingsschool Haaglanden.


Nieuws 26 juli 2019

Regeling tegemoetkoming kosten opleidingsscholen 2019

De ‘Regeling tegemoetkoming kosten opleidingsscholen 2019’ is gepubliceerd in de Staatscourant en treedt over een aantal dagen in werking. Via […]

Meer lezen »

Nieuws 11 juli 2019

Leernetwerk onderzoek | Breng – de voordelen van – onderzoek uw school in!

Onderzoek in de school, door studenten en docenten, draagt bij aan zowel de ontwikkeling van het onderwijs binnen de school […]

Meer lezen »